Werksessiebeschrijvingen IenM mer-dag 2017

De werksessie vinden plaats in 3 rondes, elke sessie wordt twee keer gegeven.
Werksessieronde 1: 11:15 - 12:15 uur
Werksessieronde 2: 13:15 - 14:15 uur
Werksessieronde 3: 14:30 - 15:30 uur

1. Klimaatadaptatie en mer                                                             Sessieronde 1 en 3
De gevolgen van klimaatverandering vragen extra aandacht in toekomstbestendige ruimtelijke planvormingsprocessen. De lange levensduur van ruimtelijke ontwikkelingen zoals van weg- en andere infrastructuur en de beperkte mogelijkheden om ze op korte termijn aan te passen, maakt ze gevoelig voor de gevolgen van klimaatverandering. De milieueffectrapportage biedt mogelijkheden om klimaatdoelstellingen en andere ruimtelijke doelen integraal met elkaar af te wegen. Tijdens de sessie gaan we samen met u en aan de hand van praktijkvoorbeelden aan de slag met de toepassing van het thema klimaatadaptatie in mer. De voorbeelden laten verschillen in diepgang zien van klimaatadaptatie in mer en geven zicht op de kansen om klimaatadaptatie in ruimtelijke planvorming een plek te geven.
Bart Barten, Senior Adviseur mer en planstudies, RWS WVL
Kees van Muiswinkel, Senior Adviseur Duurzame Mobiliteit, Energie en Klimaat – RWS WVL

2. Gezondheid en mer                                                                      Sessieronde 1 en 2
De Omgevingswet heeft veel aandacht voor het realiseren van een gezonde leefomgeving. De laatste jaren is ruime ervaring opgedaan met de effectbepaling van het aspect gezondheid in mer. Denk aan de toegenomen aandacht voor gezondheidseffecten ónder de norm en aandacht voor het benutten van kansen om de gezondheid te bevorderen. Ook sluit de effectbepaling meer dan voorheen aan bij de lokale gezondheidssituatie en -beleving. In de werksessie ligt de nadruk op projecten in het stedelijk gebied en op infrastructuur. We presenteren recente ervaringen uit Amsterdam, Utrecht en Vught. Deze dienen als basis voor de discussie hoe en met welk detailniveau gezondheidsaspecten het beste kunnen worden meegenomen in omgevingsvisies en -plannen. 
Tom Smit, plv. voorzitter Commissie voor de m.e.r.
Geert Draaijers, Senior werkgroepsecretaris Commissie voor de m.e.r.
Loes Geelen, Senior adviseur gezonde leefomgeving

3. Co-creatie en de inzet van (plan)MER in het planvormingsproces        
Sessieronde 1 en 3

Steeds meer wordt planvorming vormgegeven in samenspraak met de hiervoor relevante partners en de omgeving. Planontwikkeling vindt dan – in de geest van de Omgevingswet –plaats in de vorm van co-creatie. Voor deze plannen moet in sommige gevallen tevens een mer-procedure worden doorlopen. Maar hoe kan je als mer-maker inhaken op een dergelijk proces? Welke kansen en valkuilen zijn er bij het opstellen van een (plan)MER in een co-creatie proces? Hoe creëer je meerwaarde voor de planvorming?  In deze werksessie nemen we u mee met de actuele ervaringen bij het planMER voor de Omgevingsvisie provincie Noord-Brabant en gaan we met u over deze vragen in gesprek.
Jos van der Wijst, M.e.r. coördinator provincie Noord-Brabant
Lex Runia, Senior adviseur ruimtelijke ontwikkeling Antea Group

4. Burgerparticipatie bij mer in de nieuwe Omgevingswet             Sessieronde 1 en 2
De Omgevingswet stelt zowel regels over participatie als over mer. Bij mer is participatie wettelijk niet verplicht.  Hoe verhouden participatie en mer zich dan tot elkaar in de Omgevingswet?  In deze sessie brengen we daar duidelijkheid in. U krijgt tips en praktische handvatten voor de inrichting van een participatietraject; waarbij we ons specifiek richten op participatie van burgers.  Wat ‘maakt’ een goed burgerparticipatietraject? Hoe zorgt u dat het traject aansluit bij de belevingswereld van burgers? Vervolgens passen we deze tips en handvatten toe op een representatieve casus. Tot slot spiegelen we bovenstaande aan uw eigen praktijk. Wat doet u nu al en wat kunt u van anderen leren?
Regien Visser, Senior adviseur Participatie Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Berber Koopmans, Adviseur omgevingswet Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Marinka van Vliet, Senior adviseur participatie Bureau Buhrs

5. Mer-jurisprudentie                                                                     Sessieronde 1 en 2
In deze werksessie wordt aan de hand van jurisprudentie ingegaan op actuele juridische vraagstukken uit de praktijk van ruimtelijke planvorming en milieueffectrapportage. In deze sessie worden procedurele aspecten besproken, maar ook het MER zelf, zoals het alternatievenonderzoek of het uitgangspunt dat het MER moet uitgaan van de maximale mogelijkheden. Met u verkennen wij wat de relevantie van deze jurisprudentie is voor uw mer-zaken. Ook beschouwen wij de betekenis van deze jurisprudentie met het oog op de recente Implementatiewet mer (implementatie herziening Europese mer-richtlijn), maar ook in relatie tot toekomstige ontwikkelingen (in het bijzonder de Omgevingswet).
Marcel Soppe, Advocaat Soppe Gundelach Witbreuk advocaten
Jade Gundelach, Advocaat Soppe Gundelach Witbreuk advocaten

6. Weersvoorspelling: actualiteiten in het mer-werkveld               Sessieronde 2 en 3
In deze werksessie bespreken we een aantal actualiteiten rondom planvorming en mer en werpen we met u een praktijkgerichte en kritische blik op de nabije toekomst. We gaan in op de Implementatiewet mer, die sinds mei van kracht is. Welke aandachtspunten zijn er voor uw mer-proces, bijvoorbeeld voor de (vorm) vrije mer-beoordeling, mitigerende maatregelen, monitoring en rollenscheiding initiatiefnemer-bevoegd gezag. We gaan daarnaast kort in op de stand van zaken rondom de PAS in relatie tot de prejudiciële vragen die aan het Europese Hof zijn gesteld. Wat betekenen die voor de actuele planningspraktijk?
Liesbeth Schippers, Advocaat Pels Rijcken & Drooglever Fortuijn
Geertje Korf, Zelfstandig adviseur Milieu, erfgoed en ruimte

7. Kwaliteit(en) van mer                                                                 Sessieronde 2 en 3
Uit onderzoek blijkt dat mer als effectief en efficiënt wordt ervaren en op een positieve manier bijdraagt aan plan- en besluitvorming. Tegelijkertijd is de beeldvorming niet altijd goed: mer kost tijd en geld, is gedateerd, draagt bij aan stroperige besluitvorming, Ook is de kwaliteit van milieueffectrapporten niet altijd goed. De Omgevingswet biedt kansen om mer opnieuw te (her)positioneren. In deze werksessie gaan we met u op zoek naar deze mogelijkheden. Wat zijn de kwaliteit(en) van mer? Wat moet beter, wat moet anders en wat is overbodig? Wat kan onze bijdrage zijn om in de komende decennia het imago van mer te verbeteren en de rol van mer te versterken?
Namens het Expert netwerk mer van NL ingenieurs:
Patrick Mulder, Projectmanager Witteveen + Bos
Robert Jan Jonker, Planstudiemanager/ Omgevingsmanager Sweco Nederland BV
Marlies Verspui, Adviseur Tauw BV
Marc Laeven, Senior adviseur planstudies Sweco Nederland BV

8. Toegankelijkheid van MER                                                          Sessieronde 1 en 3
Milieueffectrapportages (MER’en) zijn een belangrijke bron van informatie voor bestuurders en belanghebbenden. Ze zijn echter vaak dik, vergen specialistische kennis en zijn daardoor weinig toegankelijk. De informatiebehoefte in de samenleving verandert en er zijn steeds meer moderne technieken vanuit de ICT beschikbaar. Kunnen deze helpen om de milieu-informatie voor de besluitvorming op een meer toegankelijke en aantrekkelijke wijze te presenteren? Welke kansen en belemmeringen zijn er voor een meer toegankelijk en daardoor ‘modernere’ MER?  En wat betekenen deze kansen voor uw organisatie, werkproces, opzet van het MER en benodigde (digitale) informatie? In de werksessie gaan we aan de hand van voorbeelden met u over dit onderwerp in gesprek.
Paul Eijssen, Strategisch Adviseur Effectstudies Royal HaskoningDHV (RHDHV)
Rutger den Hartog, XKP Visual Engineers
Henk-Jan van Groningen, Adviseur Bedrijfsvoering Support Documentair Informatiemanagement RWS CD

9. Serious gaming als hulpmiddel in de planvorming                   Sessieronde 2 en 3
De belangen in het ruimtelijke domein zijn groot. Ruimtelijke ontwikkelingen gaan gepaard met vaak lastig te combineren eisen en randvoorwaarden. Met de hulp van serious games kan vooraf en tijdens het (planvormings)proces inzicht gegeven worden in de samenhangende effecten van een activiteit, kan inzicht en bewustwording worden gecreëerd bij stakeholders en belanghebbenden (community building, co-creatie) en kan voor besluitvorming ondersteunende informatie worden verzameld. In deze sessie kunt u ervaren hoe serious games bij kunnen dragen aan een zorgvuldig planvormings- en bewustwordingsproces  door zelf te gaan spelen met ruimtelijke ontwikkelingen in enerzijds de gebouwde omgeving / stad (Urban Strategy) en anderzijds op zee (Maritime Spatial Planning).
Xander Keijser, Senior adviseur Economie en milieumanagement, RWS WVL
Hannes Sanders, Teammanager Planvorming en Strategie, Arcadis
Mirjam van Iterson, Accountmanager IenM/RWS
Jeroen Borst, Senior scientist sustainable urban planning

10. Positioning Social effects within EIA                                       Sessieronde 1 en 2
Although it is a fairly common part of EIA processes in many developing countries and some developed countries (Australia, Canada, New Zealand), the social impacts of projects in the Netherlands are rarely formally identified or formally considered in project approval processes, even though these impacts may be considerable. Impacts such as feelings of powerlessness, lack of trust in government and companies, place attachment and other emotional dimensions are among the aspects that are poorly considered in Dutch EIAs. Because of the experience of NAM, a debate is now taking place in the Netherlands about the position of social impacts in EIA. The goal of this session is to reconsider the position of social issues in Dutch EIAs and to question whether there should be a formal requirement for social impact assessment.
Erwin Bruinewoud, Social Performance Manager NAM - External Relations
Frank Vanclay, Professor Cultural Geography – Rijksuniversiteit Groningen

11. Omgevingswet en mer                                                              Sessieronde 1 en 3
In deze sessie praten we u bij over alle facetten van de regelgeving van de milieueffectrapportage in de Omgevingswet. We geven een overzicht waar de mer-regelgeving in de nieuwe wet is opgenomen en hoe en wanneer de lege artikelen van het Omgevingsbesluit worden ingevuld. Ook staan we stil bij de belangrijkste veranderingen ten opzichte van de huidige regelgeving. Daarbij gaan we in op de huidige stand van zaken van het Omgevingsbesluit en de Invoeringswet, de relatie tussen de kerninstrumenten van de Omgevingswet en mer en hoe de aanwijzing van mer-(beoordelings)plichtige projecten nu in het Omgevingsbesluit zit.
Pascale van Duijse, mer coördinator programmadirectie Eenvoudig Beter, Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Sanne te Braake, Wetgevingsjurist bij de programmadirectie Omgevingswet, Ministerie van Infrastructuur en Milieu

12. Wat kan wetenschappelijk onderzoek betekenen voor de mer-praktijk?              Sessieronde 1 en 2
In deze werksessie gaan we met u en een panel in debat over de vraag: “Wat kan wetenschappelijk onderzoek bijdragen aan een verdere professionalisering van de mer-praktijk?” De mer-praktijk krijgt te maken met nieuwe uitdagingen, zoals effectvoorspelling van ‘uitnodigingsplanologie’ (adaptieve planning in omgevingsvisies en omgevingsplannen). Daarnaast moet er een balans worden gevonden tussen empirische assessment en de meer subjectieve beoordeling door burgers. Ook zoeken we naar oplossingen voor het omgaan met (negatieve) framing van mer door bestuurders en initiatiefnemers. In het debat proberen we de juiste argumenten vanuit de praktijk op een rij te zetten, die kunnen leiden tot het formuleren van de juiste vragen voor wetenschappelijk onderzoek naar het instrument mer.
Peter van de Laak, Adviseur m.e.r., Milieuregie
Jaap de Zeeuw, Omgevingsmanager/ m.e.r.-deskundige, Bureau Ruimtewerk
Het panel bestaat uit:
Pieter Leroy, Hoogleraar Milieu en Beleid, Radboud Universiteit
Diederik Bel, Business line manager gebouwde omgeving bij Witteveen + Bos
Arend Kolhoff, Werkgroepsecretaris Internationaal, Commissie voor de m.e.r.

13. Omgevingsmanagement in energieprojecten                           Sessieronde 1 en 3
De energietransitie is in volle gang. Evenals de maatschappelijke discussie over de ruimtelijke impact, de duurzaamheid, de veiligheid, betrouwbaarheid en betaalbaarheid van nieuwe energieprojecten. Er is in toenemende mate sprake van georganiseerde weerstand. Bij het kunnen realiseren van energieprojecten en het halen van de energie doelstellingen, is een zorgvuldig omgevingsproces dan ook cruciaal. Het is belangrijk ervoor te zorgen dat bij toekomstige plannen en projecten, MER en omgevingsmanagement hand in hand gaan.
In deze werksessie maakt u kennis met het Canvas Omgevingsmanagement. Het Canvas Omgevingsmanagement biedt teams en organisaties een praktisch hulpmiddel om het omgevingsmanagement bij de start van een opgave op een professionele manier in te richten. Het zorgt ervoor dat je gestructureerd met elkaar het gesprek aan gaat over de wijze waarop je in jouw project met stakeholders om wilt gaan. Welke verantwoordelijkheden je hiermee aangaat en wat dat betekent voor het verder inrichten van het omgevingsproces. In deze werksessie zullen tevens praktijkervaringen met de aanleg van een warmtenetwerk en de aansluitingen van Wind op zee gedeeld worden.
Johanneke de Lint, Adviseur omgevingsmanagent en energie bij De Lint Consultancy
Thijs Kraassenberg, Omgevingsmanager WesselinkVanZijst

14. Ervaringen vanuit de pilotprojecten Omgevingswet en mer    Sessieronde 2 en 3
Nieuwe planvormen onder de Omgevingswet (omgevingsvisie, omgevingsplannen) geven overheden de mogelijkheid om meer ruimte te geven aan toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, rekening houdend met de fysieke leefomgeving. In het kader van de Crisis- en herstelwet zijn / worden experimenten uitgevoerd; enkele zijn mer-plichtig. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft de Commissie voor de  m.e.r. gevraagd pilots uit te voeren en zo te experimenteren met mer-plichtige plannen onder de Omgevingswet. In hoeverre leiden deze tot andere werkwijzen voor het MER en mer-proces? Hoe kun je bijvoorbeeld omgaan met de flexibiliteit en het verschil in abstractieniveaus binnen deze nieuwe planvormen? En wat betekent het voor de inhoud van het advies van de Commissie? In deze werksessie worden de resultaten vanuit deze pilots besproken en komen betrokkenen vanuit de projecten buitengebied Boekel en Park21 (gemeente Haarlemmermeer) aan het woord.
Marja van der Tas, Plv. voorzitter Commissie voor de m.e.r.
Roel Meeuwsen, Werkgroepsecretaris Commissie voor de m.e.r.